Concrete maatregelen goedgekeurd om Beleidsplan Ruimte Vlaanderen uit te voeren

PrintE-mail
24/03/2017

Op voorstel van Joke Schauvliege, Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, heeft de Vlaamse regering vandaag, vrijdag 24 maart 2017, diverse decreten in de ruimtelijke ordening definitief gewijzigd zodat de verdere inname van open ruimte wordt stopgezet.  De Vlaamse regering had deze wijzigingen in november 2016 reeds principieel goedgekeurd en de Raad van State had in februari 2017 advies uitgebracht.

Joke Schauvliege: “Het gaat om een ruime waaier aanpassingen die een decretale basis leggen voor het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen en dus voor de bescherming van de open ruimte. Wij maken komaf met verouderde of te gedetailleerde voorschriften. Ik wil in Vlaanderen evolueren van een  ruimtelijke structuurplanning, het inkleuren van elke vierkante meter grond, naar een ruimtelijke beleidsplanning: de verschillende bestuursniveaus ontwikkelen de ruimte in functie van steeds wijzigende maatschappelijke noden.”

De voornaamste aanpassingen zijn de volgende:

- Er komen soepelere procedures om verkavelingen te wijzigen. Eigenaars moeten niet langer zelf in de volledige verkaveling (frequente voorbeelden tot meer dan 100 woningen) rondgaan en handtekeningen verzamelen, wanneer zij een wijziging willen doorvoeren (bijvoorbeeld bijkomende bouwlaag mogelijk maken). Een consultatie van de aanpalende eigenaars volstaat.

- Met de bestaande inrichtingsvoorschriften (BPA’s of RUP’s) wordt soepeler omgesprongen, zodat oudere voorschriften over dakvorm en dakbedekking of over bouwdieptes of bouwhoogtes gemakkelijker kunnen wijzigen. Het doel bestaat erin verwante functies toe te laten in een residentiële woonwijk en eengezinswoningen te kunnen omvormen tot meergezinswoningen. Een klassiek voorbeeld zijn de grote villa’s in de stadsrand uit de jaren ’50 en ’60 die men vaak opnieuw wil bestemmen tot meergezinswoning, maar waar men totnogtoe op planologische bezwaren stootte.

- Zorgwonen is het creëren van een ondergeschikte wooneenheid met het doel om zorg te verstrekken aan zorgbehoevenden. Voortaan moet slechts een van beide bewoners zorgbehoevend of bejaard zijn (voordien: beiden). Zorgwonen wordt nu ook uitdrukkelijk toegelaten in zonevreemde woningen en in verkavelingen bestemd voor eengezinswoningen. Een dochter mag dus voortaan haar zorgbehoevende moeder en gezonde vader opvangen in haar woning in een residentiële verkaveling en daarin een zorgwoning inrichten.

- Er komt een decretale aanpak van de meest watergevoelige gebieden: de Vlaamse Regering kan voortaan, na inspraak van de burgers, de meest problematische gebieden als watergevoelig open ruimtegebied aanduiden. Daar geldt dan een onmiddellijk bouwverbod zodat er niet verder gebouwd wordt in gebieden die regelmatig onder water staan, is het planschadesysteem van toepassing voor eigenaars, en blijven landbouw, natuur en laagdynamische recreatie mogelijk.

- De voorschriften binnen het landschappelijk waardevol agrarisch gebied worden momenteel heel strikt geïnterpreteerd, zodat vergunningen voor de professionele landbouw er haast onmogelijk zijn geworden. De Vlaamse regering bevestigt dat bedrijfsgebouwen voor landbouw er wél mogelijk zijn, mits behoud van karakteristieke landschapselementen. Concreet zal bijvoorbeeld een bedrijfsgebouw in dergelijk gebied vergund worden, indien het door groenschermen word ingepast in het landschap.

- Sommige reservatiestroken staan op de gewestplannen jaren ingetekend zonder reëel perspectief dat de geplande infrastructuur (kanaal, weg, spoor) er effectief komt. Eigenaars van gebouwen in reservatiestroken moeten bij verbouwingen of uitbreidingen evenwel afstand doen van de volledige meerwaarde. De Vlaamse regering kan in een beweging een aantal reservatiestroken schrappen, zonder daarvoor een langdurige en complexe RUP-procedure op te starten. In de resterende reservatiestroken zal niet altijd de volledige afstand van meerwaarde vereist zijn, door rekening te houden met de aard van de werken en met de termijn die nog zal verstrijken tot de infrastructuur is gerealiseerd. Bij een onteigening zal een eigenaar bijvoorbeeld wel vergoed worden voor kosten die hij gemaakt heeft om zijn woning in goede staat te houden, maar niet voor een uitbreiding ervan ( bv. de aanleg van een zwembad).

- Een aantal historisch gegroeide tuincentra liggen door schaalvergroting en branchevervaging in agrarisch gebied en zijn zonevreemd. De Vlaamse regering maakte hun behoud en zelfs uitbreiding mogelijk, op voorwaarde dat de situatie historisch gegroeid is, geen alternatieve locatie beschikbaar is, er voldoende band is met het agrarisch gebied, en het tuincentrum ruimtelijk inpasbaar is op de huidige locatie. Zo krijgen de tuincentra rechtszekerheid.

- De overheid zal  binnen determijnen een beslissing moeten nemen over de aanvraag voor een omgevingsvergunning. Gebeurt dit niet tijdig, dan heeft de aanvrager recht op een vergoeding (bij een vergunningsaanvraag) of een dwangsom (bij een beroepsprocedure). Aan de andere kant zal het aantal beroepsmogelijkheden worden ingeperkt. Het beroep is mogelijk indien men reeds tijdens het openbaar onderzoek heeft gereageerd, het beroep wordt echter niet beschouwd als een soort van  ‘herkansing’ waarbij men niet eerder aangebrachte bezwaren alsnog aankaart bij de bestendige deputatie van de provincie, de Vlaamse Regering of de Raad voor Vergunningsbetwistingen.

De Vlaamse regering heeft deze wijzigingen nu definitief goedgekeurd en zal het ontwerp van decreet voorleggen aan het Vlaams Parlement.

Joke Schauvliege: “Met deze bepalingen speel ik in op nieuwe noden in de samenleving inzake wonen en open ruimte (tiny houses, zorgwonen, …) die vandaag nog te vaak botsten op strakke voorschriften inzake ruimtelijke ordening. Ik beoog flexibiliteit, weliswaar met voldoende rechtszekerheid voor alle betrokkenen.”